De Bestierster

Nederlandse vrouwen doen al eeuwen waar zij goed in zijn en wat zij willen. Dat heeft geleid tot vrouwen-macht binnen grote bedrijven maar in een andere vorm dan voorzien.

'Een vrouw is duizend mannen te erg', zo schreef Joost van den Vondel. De bazige Hollandse Huisvrouw is reeds eeuwen een begrip. Nieuwkomers en buitenlanders verbaasden zich over haar ordelijkheid, organisatietalent, moed en heerszucht. Vooral in de 17e eeuw, de bloeitijd van de Nederlandse economie, was zij opvallend aanwezig. Els Kloek schreef een fascinerend boek over haar waarin ze laat zien dat de Hollandse Huisvrouw in de Gouden Eeuw een echte onderneemster werd, die samen met haar man of in veel gevallen in haar eentje, een 'huis' bestierde. Vaak betrof dit een in de stad gevestigd productie- of handelshuis. Terwijl Nederlandse mannen vaak langere tijd van huis waren, als zij al niet omgekomen waren, bestierden hun vrouwen het huis. Hun wil was daar wet of vader nu thuis was of niet.
Dat het hierbij niet bleef bij schrobben en poetsen blijkt bijvoorbeeld uit het werk van Anna van Gelder, de echtgenote van admiraal Michiel de Ruyter, die zorgde voor de bevoorrading van de schepen van haar man, vaak met een honderdkoppige bemanning. Anna zorgde niet alleen voor een verstandige inkoop van goederen en voedsel maar regelde ook dat ongebruikte goederen werden opgeslagen of verhandeld. Bovendien verkocht zij meegebrachte koopwaar of buit en beheerde de opbrengst daarvan. Daarnaast zorgde Anna dat aan de vrouwen van de zeelieden stipt het loon van hun man werd uitbetaald en voerde zij persoonlijk overleg met de Admiraliteit.
Vanzelfsprekend bestierden niet alle Hollandse Huisvrouwen een even omvangrijk huis en niet altijd ging er zoveel geld in om als bij de Ruyter en van Gelder, maar ondernemen, regelen en controleren, dat konden onze grootmoeders als de besten. Stonden de Duitse vrouwen eeuwenlang bekend als huissloofjes en de Franse echtgenotes als slavinnen van hun gezin, de Hollandse Huisvrouw had de broek aan en bewoog zich vrij in het economisch verkeer. De gemoedelijke Nederlandse mannen droegen haar op handen want zij stopte ook nog zijn pijp, verzorgde hun gezamenlijke kinderschaar en hield en passant het huis op orde.
In wezen verschillen de bezigheden van een Hollandse Huisvrouw niet van die van een hedendaagse manager. Ook zij moet overzicht hebben, plannen en organiseren, doelen goed voor ogen houden, middelen effectief inzetten, uitstekend met mensen omgaan en vooral ogen in haar achterzak hebben. Die vaardigheden van Nederlandse vrouwen worden tegenwoordig hoog gewaardeerd, zoals blijkt uit het groeiend aantal vrouwelijke managers, ondernemers en bestuursleden. Zij doen het dan ook prima. Maar had Anna van Gelder haar man als admiraal willen vervangen of zou zij een waardig lid van de Admiraliteit geweest zijn? Anders gezegd, willen Nederlandse vrouwen de hoogste baas van Ahold of Unilever worden, en zouden ze dan een goed figuur slaan?
Onze overheid denkt van wel, getuige het ingestelde vrouwen-quotum. Uiterlijk in 2016 moeten de directies en de toezichthouders van beurs-genoteerde ondernemingen voor 30% uit vrouwen bestaan. Dat betekent een flinke toename en de kamer is dan ook zo verstandig geweest hier geen harde sancties aan te verbinden. Binnen 4 jaar 30% uitstekende vrouwelijke leiders in de Raden van Bestuur van grote bedrijven lijkt ook mij een illusie. Niet omdat Nederlandse vrouwen dat niet kunnen maar omdat zij dat niet willen. De vijf machtigste vrouwen van Nederland besturen geen van allen fulltime omdat zij andere passies – kinderen, wetenschappelijk werk, een familiebedrijf, schrijven – hebben, die zij belangrijker vinden dan hun positie als topvrouw bij één bedrijf. Daarin wijken zij niet af van andere werkende Nederlandse vrouwen met een deeltijdbaan en ook niet van Anna van Gelder. De topvrouwen van Nederland worden blijkbaar liever toezichthouder bij meerdere bedrijven en instellingen dan hoogste uitvoerende baas van een multinational met de bijbehorende onmenselijke werkuren.
Daarmee boffen we geweldig want mannen zijn waaghalzen en vinden de wedstrijd zo leuk dat ze elkaar letterlijk de bestuurskamer uitvechten. Een bestierster in een toezichthoudende rol kan de top-bazen een pantoffel naar het hoofd gooien of hen bits vermanen niet op de pas geschrobde vloer te spugen. De Hollandse Huisvrouw heeft dit pad al lang gekozen en dat is een mooie meevaller.

© Roelke Posthumus, 2012