WILSKRACHT

De invloedrijke Amerikaanse sociaal psycholoog Baumeister en de wetenschapsjournalist Tierney van de New York Times hebben met 'Wilskracht, de herontdekking van de grootste kracht van de mens' een belangrijk en toegankelijk boek geschreven dat een tegenwicht vormt voor de al te gretige manier waarmee het bestaan van 'de vrije wil' tegenwoordig door sommige neuro-wetenschappers en filosofen op de schroothoop geworpen wordt. Of het nu om het bereiken van persoonlijke, professionele of maatschappelijke doelen gaat, altijd blijkt wilskracht daarbij minstens zo belangrijk als gezond verstand. Dat vermoedde u misschien al. Het goede nieuws in dit boek is echter dat we onze wilskracht kunnen oefenen en zo onze zelfbeheersing kunnen verbeteren en echte doorzetters kunnen worden.

Iedereen heeft wilskracht nodig om gedachten en emoties te beheersen, impulsen in toom te houden, taken af te maken en beslissingen te nemen. Dat is hard werk en kost net zoals spierarbeid veel energie. Het is slim om daar zuinig mee om te gaan want ook in het geval van zelfbeheersing geldt: op=op. Ziedaar een van de belangrijke uitgangspunten van Baumeister en Tierney. Hun tweede centrale stelling is dat we meer controle over ons eigen leven kunnen krijgen door onze voorraad wilskracht tussentijds aan te vullen en ons doorzettingsvermogen gericht te trainen.

'Wilskracht' is een toegankelijk boek. Het is goed geschreven en zit logisch in elkaar. De bouwstenen worden gevormd door de worsteling van bekende publieke figuren zoals Oprah Winfrey (overgewicht), Eric Clapton (alcohol en drugs) en de ontdekkingsreiziger Henry Morton Stanley (honger, malaria, vijandige inboorlingen en een onbekende omgeving) om onhaalbaar lijkende doelen toch te bereiken. Naast aansprekende voorbeelden en anekdotes vormt degelijk en grootschalig onderzoek de basis voor de redenatie van de schrijvers. Kortom, de schrijvers brengen hun boodschap op een voorbeeldige manier. Bovendien is deze niet alleen overtuigend maar ook meteen toepasbaar.

In de eerste hoofdstukken behandelen de schrijvers de aard en identiteit van wilskracht. Wat is het, waarom bezitten we het en waar halen we de energie vandaan om door te zetten en onszelf te beheersen? Het middendeel van het boek gaat over wat we nodig hebben om meer controle te krijgen over leven en werk. In de eerste plaats een doel, vervolgens een plan en tenslotte een manier om vorderingen te monitoren. Maar dat is niet het hele verhaal want dit weet iedereen die ooit een cursus resultaatgericht werken of management by objectives volgde.
In de tweede helft bewijst het boek pas echt waardoor het met kop en schouders uitsteekt boven vele boeken over management-methodieken. Simpele oefeningen om zelfbeheersing te trainen, moderne methodes om vorderingen te monitoren en aanwijzingen om de beperkte voorraad wilskracht te sparen maken het boek meteen toepasbaar.
De laatste hoofdstukken gaan over universele problemen en hoe daar het gericht oefenen van wilskracht bij kan helpen. Zo blijkt geen enkel kind baat te hebben bij ouders die te pas en te onpas roepen dat het zo geweldig en fantastisch is. En gelukkig heeft het ook geen enkele zin om ooit een streng dieet te volgen of chocolaatjes af te zweren. Daarmee put een mens zijn voorraad wilskracht alleen maar uit.

Het boek besluit met een aantal nuttige lessen. Mijn top vijf:
1 Neem een beperkt aantal besluiten per dag.
2 Houd je voorraad wilskracht op peil door te slapen als je moe bent en zo nu en dan te pauzeren en een boterham met kaas te eten.
3 Zweer verleidingen als chips, de volgende sigaret of het checken van Email of een website niet af maar stel deze uit tot later.
4 Wanneer je niet doet wat je moet doen (werken bijvoorbeeld) ga dan niet iets leuks doen maar doe gewoon helemaal niets.
5 Beloon jezelf na elk behaald succes (graag met een chocolaatje).

Dat iemand alleen een virtuoos pianospeler kan worden door een combinatie van talent en heel veel zweet, dat wisten we al. Wat Baumeister en Tierney in dit boek duidelijk maken is waardoor het voornemen tot veel vinger oefeningen niet vanzelf tot succes leidt. De virtuoos in de dop moet vooral meester worden over zijn neiging tot gemakkelijk consumeren, het zoeken van aantrekkelijke afleidingen en op de lange baan schuiven. Als er één boek is dat deze Victoriaanse boodschap aantrekkelijk en overtuigend weet te brengen dan is het dit wel. In ieder geval roepen de schrijvers veel minder verzet bij mij op dan wijlen mijn opa met zijn vermaning: 'Kan-niet ligt op 't kerkhof en wil-niet ligt ernaast'!

© Roelke Posthumus